Bezoek van een Bijenvolk
Gisteravond, zo tegen het schemer waren wij de gelukkigen en kregen bezoek van een hele grote zwerm bijen. Ze
streken neer in één van onze coniferen. Ik gauw naar buiten want ik zag gelijk dat het om een bijenvolk ging… wat
een geluid en wat een gekrioel in de lucht… werkelijk prachtig om dit zo mee te maken. Na gelang het donkerder
werd, werd het steeds rustiger in de lucht en zatten bijna alle bijen op de tak van de conifeer en kon ik op mijn
gemak en voorzichtig natuurlijk, wat foto's ervan maken en ik wilde ze ook niet verstoren ofzo.
Vanochtend toen ik wegging waren ze er nog en met de middag toen ik weer thuis kwam was het hele bijenvolk
verdwenen op een paar werkster na. Jammer, want ik had graag gezien hoe ze waren vertrokken…
maar ja, je kan ook weer niet alles hebben…
Een bijenvolk bestaat uit:
De werksters (15.000-65.000) zijn in de meerderheid. Ze zijn allen dochters van de moer met al dan niet dezelfde
vader. Een moer paart met meerdere darren dus werksters kunnen zussen of halfzussen van elkaar zijn. Zoals de
naam als zegt doen de werksters al het werk. Ze poetsen de cellen, beschermen het nest en halen nectar, stuifmeel,
water en propolis. Werksters paren niet met darren maar leggen soms wel eitjes. Omdat deze eitjes onbevrucht zijn
ontwikkelen zich darren uit deze eitjes. Wanneer er één of meer-dere werksters aan de leg zijn, is dit veelal een
teken van misstanden in het volk.
De darren (enkele honderden) zijn de mannetjes. Met de darren is iets speciaals aan de hand want die worden ge-
boren uit een onbevrucht eitje. Dat verschijnsel noemt men parthenogenese. Ze hebben dus alleen een moeder en
geen vader. Het enige wat de darren doen, is een beetje rondhangen en eten van de voorraad. Natuurlijk sparen zij
hun krachten om op een goed moment een jonge moer te kunnen bevruchten. Dat is waar het de darren om gaat.
Je zou kunnen zeggen dat darren een soort verlengstuk zijn van de moer omdat ze identieke genen hebben. Ze
produceren ongeveer tien miljoen spermacellen en zorgen dus ook voor de vermenigvuldiging van het erfelijke
materiaal. Oneerbiedig gezegd zijn het slechts dragers van erfelijke eigenschappen. Ze maken het voor de moer
mogelijk om haar genen niet alleen direct aan haar dochters mee te geven, maar in zeker zin ook aan haar
kleindochters. Darren die het geluk hebben om te paren met een moer sterven direct na de paring. Andere darren
worden tegen het eind van het seizoen tijdens de zogenaamde darrenslacht het nest uit gejaagd of gedood.
De moer is het hart van het volk. Zij zorgt voor de continuïteit. Ze kan verschillende jaren leven, maar gaat minder
eitjes leggen naar mate ze ouder wordt. In het hoogseizoen kan ze wel 2000 eitjes per dag leggen. Ze geeft een stof
af die de bijen laat weten dat ze in de buurt is. Wanneer de moer dood gaat en ze deze stof niet meer aanmaakt,
weten de bijen dat ze een nieuwe moer moeten gaan maken. Dit doen ze door een jong larfje te voeden met alleen
koninginnengelei. Het larfje veranderd als het ware van 'plan' en na twee weken wordt een nieuwe moer geboren.
De moer wordt goed beschermd, verzorgd en gevoed door de werksters. De bijen die de moer verzorgen, noemen we
de hofstaat. Ieder jaar wanneer het bijenvolk erg groot wordt, meestal ergens in mei, wil de moer met een gedeelte
van het volk een nieuwe nestplaats opzoeken. Dit heet zwermen. Imkers proberen dit te voorkomen door aan het volk
af te lezen wanneer de moer wilt gaan zwermen om haar dan net voor dat moment uit het volk te halen en in een
nieuwe (kleine) bijenkast te stoppen, vergezeld van enkele duizenden bijen. Deze 'kunstzwerm' groeit dan weer uit tot
een volwaardig volk. Het volk waar de moer is uitgehaald, maakt dan weer een nieuwe moer en het bijenvolk heeft
zich als het ware verdubbeld.
Bron: De Bijen.nl
Foto's: © FotoAnna
Fuut of Kuiffuut
Zoals alle leden van deze familie is de fuut een typische watervogel van plassen en meren. Zijn donkere
oorpluimen geven hem een karakteristiek uiterlijk. Hij heeft een wit gezicht met een roodbruine en zwarte
kraag eromheen die opgericht staat bij het baltsritueel. Zijn onderkant is wit, van boven is hij donker over-
gaand in roestbruin. Tussen oog en snavel zit een zwarte streep. De poten hebben geen zwemvliezen.
Doordat de poten vrij ver naar achteren op het lichaam staan, kan de fuut zich niet zo gemakkelijk lopend
over het land voortbewegen. Nesten worden daarom bij voorkeur dicht langs de waterkant gebouwd. Een
zeer kenmerkende eigenschap is de mogelijkheid om redelijk lange afstanden onder water zwemmend af
te leggen. Dit wordt gedaan om vis te eten, of om te vluchten bij gevaar.
Een fuut leeft van kleine visjes, welke onder water worden gevangen door ze te achtervolgen. Dit gebeurt
door onder water te duiken, en tot zo'n halve minuut onder water te blijven. In zeer helder water wordt
soms vanaf de oppervlak gejaagd, dan kijkt de fuut met de kop onder water. Dit gebeurt doorgaans in de
ochtend en op de namiddag.
Futen staan bekend om hun baltsgedrag. Dan zwemmen ze naar elkaar toe, met de hals gestrekt, en
zwemmen tegen elkaar op, met de borst uit het water geheven. In het voorjaar bouwt een futenpaar
een speelnest op het water om verliefd op te vrijen. Kort daarna wordt langs de waterkant een steviger
nest gebouwd, waar de eieren in worden gelegd.
Beide ouders broeden die om beurten uit, hoewel het nest soms voor kortere tijd wordt verlaten. Dan
worden de eieren met plantenresten afgedekt, dit ter camouflage. In de broedperiode kan de fuut
minder goed vliegen, waardoor hij kwetsbaarder wordt voor verstoringen in zijn leefomgeving.
Bron: Wikipedia
Foto's: © FotoAnna
De Omarming
Tranen
die vloeiden
van verdriet of
was het van vreugde…
Omarming
troostend of
was het van vreugde…
© Anna 2012
Kever
Ik kever in een wereld
die torent boven mij
trippel links of rechts
tussen bomen van gras
en een dak van een blad
die me tijdig verbergt
voor een vliegtuig van
een vogel
en naar me pikt terwijl
ik een uitweg verzin
in een kilometertunnel
van een slang die
zichzelf als een worm
diep in de grond
weg kan dromen
en ik weet me nog steeds
te klein in het donker
verloren gekropen
in een wereld
die boven mij torent.
Gedicht: Rudi J.P. Lejaeghere
Foto: © FotoAnna