28 apr. 2008

Gehaakte Blinker – Heliophanus cupreus



Gehaakte Blinker


De springspinnen (Salticidae) zijn een familie van spinnen met zeer goed ontwikkelde voor-
middenogen die op het gezicht jagen en hun prooi bespringen. Ze spinnen geen web maar
gebruiken wel een spinragdraad om zichzelf te zekeren voor ze een sprong wagen. De
ogen reflecteren in het donker als er licht op valt. Een bijzonderheid is dat alleen van
sommige springspinnen bekend is dat ze deels leven van nectar,
terwijl alle andere spinnen carnivoor zijn.


Het visueel systeem van springspinnen is het hoogst ontwikkeld van alle soorten spinnen
en wellicht zelfs van alle geleedpotigen. De ooglens van de voor-middenogen is van
goede kwaliteit en maakt scherpe afbeeldingen op het netvlies, dat vier lagen
lichtgevoelige cellen bevat die voor licht van verschillende golflengten gevoelig zijn,
waarbij de cellen voor de langste golflengten (die het minst worden gebogen door de lens)
ook het verst van de lens af liggen. Springspinnen kunnen hun netvlies bewegen met een
stelsel van een zestal spiertjes, waardoor het gezichtsveld van de voormiddenogen
veel groter wordt dan het anders zou zijn (van ca 10 naar bijna 60 graden). Hoe
goed springspinnen zien blijkt ook uit het feit dat ze op 20-30 cm afstand
soortgenoten van andere soorten spinnen kunnen onderscheiden.



Bron: Internet
Foto's: © FotoAnna



8 apr. 2008

Witte Moerasaronskelk - Lysichiton camtschatcensis



Witte Moerasaronskelk






Lysichiton, Grieks voor losse mantel, is een relatief makkelijke tuinplant, die echter
wel een kletsnatte standplaats vereist. Een gewone vijverrand is meestal niet
geschikt, omdat de plant in de zomer toch veel ruimte vraagt. De beste plek is
de oever van een vijver met een natuurlijke bodem of een plek langs de rand
van een sloot. Spontane uitzaai is dan soms zelfs mogelijk.






Witte Moerasaronskelk is inheems in Kamchatka, het noorden van Japan, en in
delen van Siberiƫ en groeit ook op maximaal 10 centimeter onder water. De on-
geveer 30 cm hoge, zuiver witte bloemen, worden gevolgd door peddelvormige
bladen. De grote bladen zijn zeer decoratief vanwege hun lengte en
diepliggende nerf.



Photobucket



De bloemen bevinden zich aan de schacht, die tussen het grote schutblad zit. Er
zitten aan deze schacht mannelijke en vrouwelijke bloemen. Het schutblad maakt
in werkelijkheid geen onderdeel uit van de bloem. De bloemen verschijnen in de
periode april - mei, voordat het blad aanwezig is. Een volwassen plant kan 6 tot 8
bloemen produceren en omdat er in het vroege voorjaar langs de vijverrand
nog niet veel planten staan, is het een echte blikvanger.



Photobucket



Het blad gaat zich pas na de bloei ontwikkelen. Op voedselrijke plaatsen kan dat
blad tussen 80 en 100 cm hoog worden. In de periode dat het blad gaat groeien,
ontwikkelen zich ook de zaden. In de zomer is het zaad rijp. Moerasaronskelk is
volkomen winterhard.



Bron: internet